Malaise in de roofvisserij?

door Danny Geysen

Verkeert de roofvisserij, en dan voornamelijk de snoekbaarsvisserij zowel in Vlaanderen als in Nederland in een malaise ? Afgaand op de felle discussies op diverse websites, zou je zeggen van wel. Iedereen lijkt op zoek te gaan naar mogelijke oorzaken en schuldigen. Daar waar in Nederland vooral de beroepsvisserij met de vinger gewezen wordt, zijn het vooral sport(?)vissers die in Vlaanderen verantwoordelijk zijn voor dalende vangsten.

Iedereen die in Nederland met een bootje het water op gaat (of zelfs diegene die vanaf de oever vist) krijgt vroeg of laat te maken met kunstaas dat verstrikt raakt in fuiken, netten , staand want of ander beroeps- of stropers vistuig. Sportvissers aanzien met lede ogen dat hun water leeggevist en leeg gestroopt wordt en dat het aantal netten nog steeds toeneemt. Politiek Den Haag houdt echter de beroepsvisserij de hand boven het hoofd en voorlopig is er zeker nog geen verbetering in zicht.

Dat ook de snoekbaarsvangsten in Vlaanderen ondermaats zijn, is een vaak gehoorde klacht. Toegegeven, tijdelijk en plaatselijk wordt er wel eens goed snoekbaars gevangen, maar dit is dan vaak van hele korte duur. Overdreven meeneemgedrag is daar dan meestal de oorzaak van. Veel sportvissers zijn blijkbaar niet bereid om tijdens een succesrijke snoekbaarssessie de 'bonus'-snoekbaarzen terug te zetten. Deze moeten dienen als pasmunt voor de sessies dat er geen enkele snoekbaars boven water kwam en verdwijnen dan allemaal, zonder uitzondering, richting diepvries. Om dan nog maar te zwijgen over de malafide personen, die gouden zaakjes doen door hun snoekbaars te verkopen aan restaurants en vishandelaars. Dat zij hierbij diverse inbreuken plegen op de bestaande wetgeving, laat hun blijkbaar koud.

Het resultaat is zoveel voor Vlaanderen als voor Nederland hetzelfde. Dalende vangsten en sakkerende sportvissers. Je zou dan geneigd zijn om te denken dat diegene, die rechtstreeks of onrechtstreeks van de sportvissers moeten leven (denk aan Hengelsportgroothandels en winkeliers, verkopers van visboten, enz. ) aan de alarmbel zouden trekken bij de Overheid. Niets is echter minder waar. Een ijzige stilte wat dit betreft. Bij dalende vangsten mag je er van uit gaan dat een deel van deze sportvissers het voor bekeken houdt en hun spaarcenten aan een andere hobby gaan spenderen. Misschien mogen we hieruit wel besluiten dat de winkeliers nog té goed hun boterham verdienen aan witvissers, karpervissers, zeevissers, enz . Of zijn er nog voldoende roofvissers over, die om toch nog een roofvis te kunnen verschalken, bereid zijn 42,5 EURO of meer voor één enkel stuk kunstaas uit te geven? Nee, lach nu niet. Dergelijke kunstazen verschijnen meer en meer in de rekken van diverse hengelsportwinkels en worden blijkbaar nog gekocht ook. Omgerekend naar oude Belgische franken is dit toch bijna 1700 Bef, een bedrag waar je tot voor kort nog een hengeltje voor kocht.

Zelf had ik het geluk enkele weken geleden te kunnen vissen op een buitenlands stuwmeer met een schitterende bezetting aan snoekbaars. Werpend vissen naar de rotsen toe, met witte en gele twisters op lichte loodkopjes; vertikalend onderaan het talud, met diezelfde twisters op zwaardere loodkoppen. En nog schitterend vangen ook! Stuk voor stuk kunstaasjes van enkele eurocenten; nee geen gedoe met 'speciale' shads met een prijskaartje om u tegen te zeggen. Wat een verademing!

Dit is enkel mogelijk indien de populatie aan snoekbaars voldoende groot is met een lichte tot matige hengeldruk. Hopelijk moeten we over enkele jaren niet meer naar het buitenland voor dergelijke ervaringen. De Vlaamse Roofvisfederatie zet zich ondertussen al enkele jaren in om de roofvisstand in Vlaanderen te verbeteren. Ook de Vlaamse Overheid is er zich van bewust geworden dat roofvis een belangrijke rol vervult in het ecosysteem onder water. Daarom richt zij samen met de Provinciale Visserijcommissies en de Vlaamse Roofvisfederatie op 23 november 2006 een studiedag in met als thema : Duurzaam Roofvisbeheer. Alleszins een titel die veel inhoud heeft . In de voormiddag mogen wetenschappers het woord voeren; in de namiddag komen de vissers aan bod, met op het einde een vragenronde met panel. Afsluitend wordt een samenvatting van de dag opgemaakt, met aanbevelingen voor het roofvisbeleid voor de volgende jaren. Dit is 'de' dag waar we met z'n allen naar uitgekeken hebben. En nu maar duimen dat de kentering naar een betere roofvisstand in Vlaanderen is ingezet.


<- terug naar Lectuur